KENNISPLATFORM OVER BONAIRE
ZOEK87 PLEKKEN
NATUUR

Het marine park en wie het beheert

Het water rond Bonaire is sinds 1979 beschermd gebied, een van de oudste marine parken ter wereld. Wat dat voor een duiker betekent, staat hieronder.

MARINE PARKVan de hoogwaterlijn tot zestig meter diepte, rond het hele eiland en rond Klein Bonaire. Ingesteld in 1979.
BEHEERSTINAPA, een stichting zonder winstoogmerk, in opdracht van het openbaar lichaam. Bestaat sinds 1962 en leeft van de Nature Tag.
WASHINGTON SLAGBAAIRuim 4.200 hectare in het noordwesten, sinds 1969. Vijftig kilometer onverharde weg, twee gemarkeerde wandelingen, sluit om vijf uur.
RIFEen smal zoomrif dat vlak bij de kust begint en zelden verder dan driehonderd meter uit de wal reikt. Ongeveer zestig koraalsoorten.
RAMSARLac en Klein Bonaire staan op de lijst van internationaal beschermde wetlands.

De consequentie voor een duiker is klein en absoluut: niets aanraken, niets meenemen, niet ankeren, geen handschoenen zonder ontheffing. Wie langer dan een jaar niet op Bonaire heeft gedoken, doet eerst een oriëntatieduik bij een duikschool. Dat is geen formaliteit maar de manier waarop het park zijn regels doorgeeft.

BRONNEN
  1. STINAPA Bonaire, over de parken
  2. Bonaire National Marine Park, beheerplan, 2023
  3. Ramsar Sites Information Service, Lac en Klein Bonaire
  4. Sea Turtle Conservation Bonaire, monitoring en nesttellingen
  5. Reef Renewal Bonaire, kwekerijen en uitplanten
SCHILDPADDEN

Drie soorten, twee levensfasen, één eiland

Wie op Bonaire duikt of snorkelt ziet vrijwel zeker een schildpad. Dat is geen toeval: het eiland heeft zowel de zeegrasvelden waar jonge dieren opgroeien als de riffen waar volwassen dieren foerageren, op enkele kilometers van elkaar.

Groene zeeschildpad
Chelonia mydas

Eet als volwassen dier vrijwel uitsluitend zeegras en algen. Jonge dieren groeien jarenlang op in de ondiepe baaien voordat ze naar open zee trekken. Dit is de soort die je ziet grazen met de kop in het gras.

Zeegras bij Lac, Te Amo, Tori’s Reef, No Name
Karetschildpad
Eretmochelys imbricata

Eet sponzen en houdt zich op de rifhelling op. Te herkennen aan de smalle, snavelachtige bek en de overlappende schilden. Wereldwijd ernstig bedreigd; het rif van Bonaire is een van de plekken waar de soort nog gewoon is.

Rifhellingen langs de hele westkust
Onechte karetschildpad
Caretta caretta

De zwaarste kop van de drie, met krachtige kaken voor schelpdieren. Nestelt hier onregelmatig en wordt onder water maar zelden gezien.

Zelden; enkele nesten per jaar
NESTSEIZOENRuwweg april tot december, met de meeste nesten tussen juni en oktober.
INCUBATIEOngeveer zestig dagen. De temperatuur van het zand bepaalt het geslacht van de jongen: warmer zand geeft meer vrouwtjes.
NESTSTRANDENKlein Bonaire is het belangrijkste, daarnaast enkele stranden aan de oost- en zuidkust. Niet elk strand waar je een schildpad ziet zwemmen is een nestplaats.
KRAAMKAMERDe zeegrasvelden bij Lac en langs de zuidkust. Jonge groene schildpadden blijven daar jaren voordat ze wegtrekken.
MONITORINGSea Turtle Conservation Bonaire telt nesten en merkt dieren sinds het begin van de jaren negentig; de reeks is een van de langste van het Caribisch gebied.
WAT WIJ NIET WETEN

Het aantal nesten schommelt sterk per jaar en per strand; één goed of slecht seizoen zegt weinig over de trend. Wij noemen daarom geen jaartotaal, maar verwijzen naar de meerjarige tellingen van de monitoringorganisatie.

HOE JE JE GEDRAAGT BIJ EEN SCHILDPAD
Houd minstens drie meter afstand en blijf boven of naast het dier, nooit erboven hangend in de weg naar de oppervlakte.
Een schildpad moet ademen. Snijd de weg naar boven nooit af, ook niet voor een foto.
Niet aanraken, niet aan het schild vasthouden, niet meezwemmen om het dier bij te houden.
Op neststranden: geen licht na zonsondergang, geen voertuigen, niets achterlaten. Kunstlicht stuurt pas uitgekomen jongen de verkeerde kant op.
Meld een gewond dier of een nest dat is verstoord bij STINAPA of Sea Turtle Conservation Bonaire.
VISSEN

Wat je ziet, en op welke diepte je het ziet

Het rif van Bonaire begint zo dicht bij de kant dat snorkelaars en duikers grotendeels dezelfde soorten zien, alleen op andere diepte. Hieronder de soorten die je bij vrijwel elke duik of snorkeltocht tegenkomt, gerangschikt naar waar ze zich ophouden.

Ondiep water en zeegras0 – 5 meter
Snorkelen
Sergeant-majoorAbudefduf saxatilis

Zwart-geel gestreept, in scholen vlak onder de oppervlakte. De eerste vis die je ziet.

Blauwe doktersvisAcanthurus coeruleus

Diepblauw, graast in groepjes over algen. Jonge dieren zijn knalgeel.

Franse grommerHaemulon flavolineatum

Geel gestreept, hangt overdag stil in scholen bij koraalkoppen.

Blauwkop-lipvisThalassoma bifasciatum

Klein en overal; poetst grotere vissen bij poetsstations.

TrompetvisAulostomus maculatus

Lang en dun, hangt verticaal tussen gorgonen om niet op te vallen.

GeelstaartsnapperOcyurus chrysurus

Zilver met gele streep en staart, nieuwsgierig rond snorkelaars.

Rifdak5 – 12 meter
Snorkelen en duiken
StoplichtpapegaaivisSparisoma viride

Knabbelt hoorbaar aan koraal en produceert zo een groot deel van het witte zand.

Koninginne-engelvisHolacanthus ciliaris

Geel-blauw met een kroonvlek op het voorhoofd; meestal in paren.

Franse engelvisPomacanthus paru

Zwart met gele schubranden, laat duikers dicht naderen.

ViervlekvlindervisChaetodon capistratus

Oogvlek achterop die roofvissen op het verkeerde been zet.

Gladde koffervisLactophrys triqueter

Driehoekig en traag, zoekt hapjes in het zand tussen het koraal.

Groene muraeneGymnothorax funebris

In spleten, met open bek om te ademen — geen dreiging, wel afstand houden.

Rifhelling12 – 30 meter
Duiken
Creoolse lipvisClepticus parrae

Paarsblauwe wolken die in de stroming boven de rifrand hangen te foerageren.

Blauwe chromisChromis cyanea

Elektrisch blauw, in losse zwermen net boven het koraal.

Zwarte trekkervisMelichthys niger

Donker met lichte vinranden; nieuwsgierig en houdt zich vaak bij duikers op.

TijgerbaarsMycteroperca tigris

Grote baars die stil bij een koraalkop wacht tot er iets langskomt.

TarponMegalops atlanticus

Zilveren reus tot twee meter; hangt overdag in de schaduw, jaagt in de schemering.

HorsmakreelCaranx latus

In snelle groepen langs de rifrand, vaak op jacht boven een school kleine vis.

Zandvlakte8 – 20 meter
Duiken
TuinaalHeteroconger longissimus

Staat als gras rechtop uit het zand en verdwijnt zodra je te snel nadert.

GeelkopkaakvisOpistognathus aurifrons

Zweeft boven zijn holletje; het mannetje broedt de eieren uit in zijn bek.

PauwbotBothus lunatus

Platvis met blauwe ringen die zich in het zand ingraaft; makkelijk over het hoofd te zien.

PijlstaartrogHypanus americanus

Ligt half onder het zand en foerageert ’s nachts. Nooit achterna zwemmen.

AdelaarsrogAetobatus narinari

Gevlekt, met een lange staart; trekt meestal in het blauw voorbij.

ZandduikerSynodus intermedius

Ligt roerloos op het zand tot hij in één beweging toeslaat.

Waar je langer voor moet kijken

Deze soorten zitten er wel, maar alleen als je langzaam duikt en weet waar je moet zoeken. Een lamp helpt, ook overdag.

KikvorsvisAntennarius multiocellatus

Ziet eruit als een spons, beweegt niet. Vaak gemeld bij Bari Reef, La Machaca en Ebo’s Special.

ZeepaardjeHippocampus reidi

Met de staart om een gorgoon of sponsvoet. Niet aanraken en niet met flits van dichtbij.

SchorpioenvisScorpaena plumieri

Perfect gecamoufleerd op de bodem, met giftige stekels. Kijk waar je je hand neerzet — of zet hem nergens neer.

SlangenaalMyrichthys breviceps

Kruipt overdag over het zand tussen de koraalkoppen door.

PoetsgarnaalPericlimenes yucatanicus

In een anemoon, bij een poetsstation waar grote vissen in de rij liggen.

OctopusOctopus vulgaris

Vooral ’s nachts, verraden door een hoopje lege schelpen voor het hol.

WAT ALLEEN ’S NACHTS BOVENKOMT

Na zonsondergang wisselt de bezetting: papegaaivissen slapen in een slijmcocon, kreeften en slangsterren komen uit de spleten, inktvissen jagen langs de steigers en tarpon gebruiken je lamp om te jagen. Richt je licht niet vol in de ogen van slapende vissen en laat de tarpon hun werk doen.

DE UITZONDERING: KORAALDUIVEL

De koraalduivel (Pterois volitans) hoort hier niet thuis en heeft geen natuurlijke vijanden. Hij eet jonge rifvis in grote hoeveelheden. Op Bonaire wordt hij actief bestreden door duikers met een ontheffing en een speciale speer; zonder die ontheffing mag je niet jagen. Zie je er een, meld dan de plek en de diepte bij STINAPA of je duikschool.

NIET AANRAKEN, OOK NIET VOORZICHTIG

Vuurkoraal, schorpioenvissen en borstelwormen leren zich vanzelf aan wie ze eenmaal heeft aangeraakt. Voer geen vis, ook geen brood: gevoerde muraenes en tarpon verliezen hun schuwheid en bijten sneller. En houd je vinnen omhoog boven het rif; de meeste schade komt niet van handen maar van voeten.

KORAAL

Waarom dit rif nog staat, en wat eraan knaagt

Bonaire geldt al decennia als een van de best bewaarde riffen van het Caribisch gebied. Dat is minder een natuurwonder dan een bestuurlijke keuze: vroege bescherming, geen ankers, geen visserij met netten op het rif. Het maakt het rif niet immuun — alleen minder beschadigd dan de buren.

TYPE RIFEen smal zoomrif dat vlak bij de kust begint, met een rifdak op vijf tot tien meter en een helling die zelden verder dan driehonderd meter uit de wal reikt.
SOORTENOngeveer zestig soorten steenkoraal, plus zachte koralen, gorgonen en sponzen. Zwart koraal groeit vanaf ongeveer vijfentwintig meter.
GROEISNELHEIDHersenkoraal groeit enkele millimeters per jaar, vertakt koraal enkele centimeters. Een kolonie ter grootte van een emmer is decennia oud.
GRAZERSPapegaaivissen en zee-egels houden algen kort, zodat koraallarven zich kunnen vestigen. Zonder die begrazing groeit alg over het rif heen.
BESCHERMINGNiets aanraken, niet ankeren, geen handschoenen zonder ontheffing, en een verbod op zonnebrand met oxybenzon of octinoxaat.

Wat er op het rif drukt

Warm water

Bij aanhoudend hoge zeewatertemperatuur stoot koraal zijn algen af en verbleekt. Herstel kan, mits het water op tijd afkoelt en er geen tweede hittegolf overheen komt. Bonaire kreeg zware bleking te verwerken in 2010 en opnieuw tijdens de Caribische hittegolf van 2023.

Ziekte

Stony coral tissue loss disease tast tientallen soorten aan en gaat snel. De ziekte trok vanaf 2014 door het Caribisch gebied; over het jaar waarin Bonaire de eerste bevestigde gevallen kreeg, lopen de bronnen uiteen. Duikers wordt gevraagd uitrusting te ontsmetten tussen eilanden.

Wegvallende grazers

De massale sterfte onder de zwarte zee-egel Diadema in 1983 haalde een van de belangrijkste grazers weg; in 2022 trof een nieuwe sterfgolf de Caribische populaties. Waar grazers verdwijnen wint alg terrein op koraal.

Water van het land

Afspoeling van onverharde wegen, bouwterreinen en afvalwater brengt sediment en voedingsstoffen op het rif. Dat voedt alg en verstikt jonge koraalkolonies — een landprobleem met een uitkomst onder water.

WAT ER AAN HERSTEL GEBEURT

In kwekerijen langs de westkust groeien stukjes staghorn- en elkhornkoraal aan hangende structuren, om na een jaar terug op het rif te worden geplaatst. Het werkt voor snelgroeiende, vertakte soorten en het is geen vervanging voor een gezond rif: uitplanten lost warm water en afspoeling niet op. Sommige kwekerijen liggen bij bekende duikplekken; blijf erbuiten, ook als er geen boei ligt.

WAT JIJ ONDER WATER DOET
Trim je uitrusting zo dat niets over het rif sleept: manometer, octopus, camera aan een clip.
Raak niets aan om jezelf te stabiliseren — ook geen dood ogend koraal, want daar zit vaak nog leven op.
Vinnen omhoog boven het rifdak; opgewoeld zand bedekt jonge kolonies.
Draag een shirt met lange mouwen in plaats van zonnebrand. Middelen met oxybenzon of octinoxaat zijn hier verboden.
Spoel je uitrusting tussen eilanden en meld ziek ogend koraal bij STINAPA.
KORAALSOORTEN

Wat er groeit, en hoe je het uit elkaar houdt

Koraal herken je aan de groeivorm, niet aan de kleur — die verschilt per diepte en per licht. Vier groepen maken samen vrijwel alles wat je op het rif van Bonaire ziet staan.

De bouwers
Steenkoraal dat het rif letterlijk maakt
HersenkoraalPseudodiploria strigosa

Ronde bol met kronkelende groeven. Groeit enkele millimeters per jaar; een bol van een meter is een eeuw oud.

Grote sterkoraalMontastraea cavernosa

Dikke, bolle kolonies met grote poliepen die ’s nachts uitstaan als bloemen.

BergsterkoraalOrbicella annularis

Bouwt zuilen en terrassen op de helling. Was ooit de belangrijkste rifbouwer van het Caribisch gebied.

SlakoraalAgaricia agaricites

Dunne, golvende platen die als bladeren over elkaar liggen; vooral op beschutte plekken.

ZuilkoraalDendrogyra cylindrus

Rechtopstaande zuilen, zeldzaam en beschermd. Te zien bij Petries Pillar.

Vertakt en kwetsbaar
De soorten die het zwaarst te lijden hebben
ElkhornkoraalAcropora palmata

Brede geweitakken in de branding. Sinds de jaren tachtig grotendeels verdwenen; staat nog bij Boka Bartol en Nukove.

StaghornkoraalAcropora cervicornis

Dunne, vertakte takken. Groeit relatief snel en is daarom de hoofdsoort in de kwekerijen.

VingerkoraalPorites porites

Dikke, stompe vingers op het rifdak; jonge vis schuilt ertussen.

VuurkoraalMillepora complanata

Geen echt koraal maar een hydroïdpoliep. Mosterdgeel met witte randen, brandt bij aanraking.

Zacht en buigzaam
Beweegt mee met de stroming
ZeewaaierGorgonia ventalina

Paarse waaier die haaks op de stroming groeit. Breekt makkelijk en herstelt pas na jaren.

ZeeveerAntillogorgia americana

Verende pluimen die het rifdak bij lichte stroming laten golven.

ZeekaarsPlexaurella nutans

Dikke, rechtopstaande vingers met korte poliepen; voelt leerachtig, niet aanraken.

Zwart koraalAntipathes spp.

Ondanks de naam wit tot bruin van kleur; het skelet eronder is zwart. Vanaf vijfentwintig meter, tientallen jaren oud.

Sponzen
Geen koraal, wel de helft van het beeld
ReuzenvatsponsXestospongia muta

Ton van meer dan een meter, honderden jaren oud. Er passen twee duikers naast, niet erin.

Paarse buissponsAplysina archeri

Bundels lange buizen op de diepere helling; het handelsmerk van de wanden van Klein Bonaire.

Oranje olifantsoorsponsAgelas clathrodes

Brede oranje platen in overhangen, vaak met slangsterren erop.

AardappelsponsIrcinia strobilina

Grijsbruine bollen op het rifdak; filtert per dag duizenden liters water.

HOE JE ZIET HOE HET ERVOOR STAAT
Gezond: doffe bruine, groene of gouden tinten. Kleur komt van de algen die in het koraal wonen.
Verbleekt: spierwit, maar met het weefselpatroon nog intact. Het dier leeft nog en kan herstellen als het water afkoelt.
Vers dood: wit met een laagje bruin draadalg erover binnen enkele weken.
Langer dood: begroeid met alg, spons of vuurkoraal; het skelet is nog herkenbaar aan de vorm.
Ziekte: een scherpe grens tussen levend weefsel en kaal skelet die over de kolonie op schuift. Meld dit bij STINAPA met plek en diepte.
Koraalgruis op het strand

Wat er van het rif op het strand belandt: afgebroken vinger- en vuurkoraal, schelp en steen. Eigen opname.

HET PAAIEN

Een paar nachten per jaar, meestal in de weken na volle maan in september en oktober, laten hele kolonies tegelijk eitjes en zaad los. Het water vult zich met roze bolletjes die naar de oppervlakte drijven. Onderzoekers vangen die gameten op om er in het lab larven van te kweken. Duik je erdoorheen: raak niets aan en houd je licht laag.

PLANTEN

Een droog eiland dat op regen wacht

Bonaire krijgt ruwweg vijfhonderd millimeter regen per jaar, vrijwel alles tussen oktober en januari. De begroeiing is daarop gebouwd: doornig, traag en met wortels die dieper reiken dan de plant hoog is. Na een goede bui staat het eiland binnen een week groen.

Bomen en struiken
Het skelet van het landschap
Divi-diviLibidibia coriaria

Groeit door de constante passaat scheef naar het zuidwesten. Het bekendste natuurlijke kompas van het eiland; de peulen werden vroeger uitgevoerd voor het looien van leer.

KibrahachaHandroanthus billbergii

Staat het jaar rond kaal en bloeit dan in één keer felgeel, een paar dagen na een flinke regenbui. De naam betekent bijlbreker: het hout is loeihard.

WayakáGuaiacum officinale

Pokhout, met blauwe bloemen en hout dat in water zinkt. Eeuwenlang gekapt voor scheepsassen; oude exemplaren zijn zeldzaam en beschermd.

Mangel (rode mangrove)Rhizophora mangle

Staat op steltwortels in het brakke water van Lac. Kraamkamer voor rifvis en kustverdediging in één.

Palu di sia blànkuProsopis juliflora

De doornige mesquite die grote delen van het binnenland vult. Geiten eten de peulen en verspreiden zo de zaden.

KalbasCrescentia cujete

Kalebasboom met vruchten die als schaal en muziekinstrument werden gebruikt.

Cactussen
Water opslaan en jezelf verdedigen
KadushiCereus repandus

Zuilcactus tot negen meter. De vrucht is eetbaar en de stengels gaan in de traditionele soep; oude stammen dienden als omheining.

YatuStenocereus griseus

Dunnere zuilcactus, dicht op elkaar geplant als levende afrastering rond kunuku’s.

Prickly pearOpuntia wentiana

Schijfcactus met gele bloemen en fijne haakjes die erger zijn dan de grote stekels.

Melon di seruMelocactus macracanthos

Bolcactus met een rode kroon bovenop. Beschermd; graaf hem niet uit en ga er niet op zitten.

Zout, zand en zee
Wat op de kust en in het water groeit
SchildpadgrasThalassia testudinum

Breed zeegras in de ondiepe baaien; het hoofdvoedsel van de groene zeeschildpad.

ManjelgrasSyringodium filiforme

Dunner zeegras dat tussen het schildpadgras staat; samen vormen ze de kraamkamer van Lac.

ZeedruifCoccoloba uvifera

Ronde leerachtige bladeren vlak achter de vloedlijn; houdt het zand vast.

ZoutmeldeBatis maritima

Lage, vlezige planten rond de pekelmeren, een van de weinige soorten die daar overleeft.

Gebruikt en gekweekt
Wat de mens meebracht of aanplantte
AloëAloe vera

Op grote schaal verbouwd in de negentiende en twintigste eeuw; verwilderd nog overal langs de wegen te vinden.

TamarindeTamarindus indica

Grote schaduwboom bij oude kunuku’s, met zure peulen voor stroop en drank.

Sorghum (maishi chikí)Sorghum bicolor

Het graan van de kunuku, verbouwd achter muurtjes van gestapelde steen die het regenwater vasthouden.

NA DE REGEN

Het eiland kent geen seizoenen maar buien. Valt er in oktober of november een flinke regen, dan bloeit de kibrahacha binnen een week en kleurt het binnenland groen; blijft de regen uit, dan blijft alles grijs en doornig. Wie in de droge maanden komt, ziet hetzelfde eiland in een andere staat, niet in een slechtere.

BRONNEN
  1. Flora of the Dutch Caribbean, soortbeschrijvingen Bonaire
  2. STINAPA Bonaire, begroeiing en beheer Washington Slagbaai
  3. Wageningen Marine Research, zeegrasvelden Lac Bai
  4. Meteorologische Dienst Curaçao en Bonaire, langjarige neerslagreeks Flamingo Airport
DIEREN OP HET LAND

Vogels, hagedissen en wat er is losgelaten

Bonaire heeft geen inheemse landzoogdieren van betekenis; wat er rondloopt is grotendeels door mensen gebracht. De vogels en reptielen zijn wel van hier, en een aantal komt nergens anders voor.

Vogels
Ruim tweehonderd soorten geteld
FlamingoPhoenicopterus ruber

Broedt in de Pekelmeer, een van de weinige broedplaatsen in het Caribisch gebied. De broedplaats is gesloten gebied: kijk vanaf de weg en gebruik geen drone.

LoraAmazona barbadensis

De geelvleugelamazone, luidruchtig in de vroege ochtend en avond. Komt op het halfrond nog maar op een handvol plekken voor.

PrikichiEupsittula pertinax

Kleinere parkiet, in groepjes rond de kunuku’s en de stad.

TrupialIcterus icterus

Oranje-zwart, met een hangend nest en een fluitende roep die je overal hoort.

ChuchubiMimus gilvus

De spotlijster die op je terras komt eten en het geluid van andere vogels nadoet.

Barika helèchiCoereba flaveola

De suikerdiefje: klein, geel en direct bij elke suikerpot.

WarawaraCaracara cheriway

Roofvogel die langs de weg loopt en aas eet; vaak in het noorden gezien.

Rode ibis en reigersEudocimus ruber e.a.

In de salinas en mangroven van Lac, samen met zilverreigers en steltlopers op doortrek.

Reptielen
Elf soorten: vijf gekko’s, drie renhagedissen, één leguaan, één anolis en één slang
Groene leguaanIguana iguana

Tot anderhalve meter met staart. Wordt op het eiland gegeten in soep; bij parkeerplaatsen aan bezoek gewend — niet voeren.

Blauwe anolisAnolis bonairensis

Kleine boomhagedis die alleen op Bonaire voorkomt. Het mannetje zet een oranje keelvlag op.

Blò blòCnemidophorus murinus ruthveni

De snelle renhagedis die overal onder de struiken schiet. Het mannetje kleurt blauw — vandaar de naam.

TotèkiPhyllodactylus martini

Kleine gekko op muren en boomstammen, ’s avonds actief bij lampen.

ZilverslangEpictia (Leptotyphlops) spp.

De enige slangensoort van het eiland: hooguit twintig centimeter, ongevaarlijk, eet termieten en mieren. Waarschijnlijk door mensen ingevoerd. Er leven geen boa’s of andere reuzenslangen op Bonaire — die zitten op Aruba — en in het water zwemmen geen zeeslangen.

Zoogdieren en insecten
Weinig inheems, veel losgelaten
VleermuizenLeptonycteris curasoae e.a.

Acht tot negen soorten, afhankelijk van de bron: één viseter, vijf insecteneters en twee nectareters. De nectareters zijn de enige dieren die de zuilcactussen bestuiven — zonder hen geen kadushi. Ze slapen in grotten; die bezoek je alleen met een gids.

EzelsEquus asinus

In de zeventiende eeuw ingevoerd als lastdier, nu verwilderd. Ze lopen los langs de wegen in het zuiden: rijd ’s nachts langzaam.

GeitenCapra hircus

De grootste druk op de begroeiing: jonge bomen komen zonder afrastering niet boven kniehoogte uit.

Blauwe krab en heremietkreeftCardisoma guanhumi, Coenobita clypeatus

Landkrabben die na regen massaal oversteken; op sommige wegen staan borden.

Ezels bij de drinkbak

De ezels zijn in de zeventiende eeuw ingevoerd als lastdier en na de zoutwinning losgelaten. Een deel loopt nog vrij rond in het zuiden, een deel leeft in het opvangcentrum. Ze zijn aan mensen gewend en komen op auto’s af — voeren maakt dat erger, niet beter. Eigen opname.

WAT JE NIET DOET

Niets voeren, ook geen leguaan of ezel: gevoerde dieren gaan bij mensen bedelen en belanden op de weg. Geen drones boven de flamingo’s of de broedplaats. Rijd stapvoets waar ezels lopen en geef geiten geen etensresten. Een aangereden dier meld je bij het Donkey Sanctuary of STINAPA.

BRONNEN
  1. Dutch Caribbean Nature Alliance, soortenlijsten Bonaire
  2. Echo Bonaire, onderzoek en bescherming van de lora
  3. STINAPA Bonaire, vogeltellingen en flamingobroedplaats Pekelmeer
  4. Carib Herp / IUCN Red List, verspreidingsgegevens reptielen
INSECTEN

De mug bepaalt je avond

Het eiland heeft weinig insecten die je hinderen, maar de soorten die dat wel doen, doen het grondig. Bijna alles draait om regen: valt er water, dan is er binnen twee weken muggenbroed.

MugAedes aegypti en Culex

De gelekoortsmug (Aedes) steekt overdag en in de schemering en broedt in klein stilstaand water: een emmer, een plantenschotel, een oude band. Culex is de avond- en nachtmug. Na de regenmaanden oktober tot januari zijn het er het meest.

Papatsji (knijtje)Culicoides spp.

Bijna onzichtbaar, steekt bij zonsopkomst en zonsondergang, vooral bij de mangroven en salinas. Muskietengaas houdt ze niet tegen — ze passen erdoorheen.

Zwarte mier en houtmierFormicidae

Overal waar eten staat. Een spoor over het aanrecht binnen een uur is normaal, geen teken van vuil.

TermietNasutitermes acajutlae

De bruine bolnesten in bomen en op palen zijn termieten. Ze eten dood hout en zijn de hoofdmaaltijd van de zilverslang.

SchorpioenTityus spp.

Twee kleine soorten. Een steek doet pijn als een wespensteek en is voor gezonde volwassenen niet gevaarlijk. Schud schoenen uit die buiten stonden.

KakkerlakPeriplaneta americana

De grote, vliegende soort. Hoort bij het klimaat, niet bij de hygiëne van je accommodatie.

Vlinders en libellendiverse

Na regen verschijnen ze massaal; de gele monarchvlinders zijn de opvallendste. Libellen boven de salinas jagen op muggen.

Bij en kolibrievlinderApis mellifera e.a.

Bestuiven de kadushi-bloemen overdag; de vleermuizen nemen de nacht voor hun rekening.

WAT TEGEN MUGGEN WERKT
DEET of icaridine op de huid, en ’s avonds lange mouwen. Citronella-armbandjes doen aantoonbaar weinig.
Een ventilator op de slaapkamer werkt beter dan gaas: muggen vliegen slecht tegen luchtstroom in.
Kijk rond je accommodatie naar stilstaand water — plantenschotels, emmers, dakgoten. Een halve emmer levert honderden muggen.
Papatsji ontwijk je door bij zonsopkomst en zonsondergang niet vlak bij mangrove of salina te staan; dat is precies wanneer ze steken.
Bij aanhoudende koorts na een steek: naar de huisarts of het ziekenhuis. Dengue en chikungunya komen in de regio voor en worden door dezelfde dagmug overgebracht.
BRONNEN
  1. Openbaar Lichaam Bonaire, afdeling Publieke Gezondheid: vectorbestrijding en muggenoverlast
  2. Dutch Caribbean Nature Alliance, soortenlijsten insecten
  3. Meteorologische Dienst Curaçao en Bonaire, neerslag per maand
Bonairian
INGANGEN
ONDERWERPEN
TAAL
BONAIRIAN · KRALENDIJK, BONAIRENL · EN · PAP